ASIAN  ELEPHANT

De Aziatische olifant komt voor in verschillende soorten, zoals de Indische en Sumatraanse olifant. De soort is kleiner dan de Afrikaanse en heeft ook kleinere oren en slagtanden. De Aziatische olifanten leven in  Zuidoost-Azië en eten per dag zo’n 150 kilogram aan plantaardig voedsel en drinken tot wel  160 liter water. De mens is hun grootste bedreiging door het kappen van bossen. In de godsdienst heeft de olifant een belangrijke rol, zoals het 'Esala Perahera' en het uitbeelden van de beschermheilige Ganesha met een menselijk lichaam en olifantenkop.

RED  PANDA

De rode panda is een bedreigde soort uit Azië, mede vanwege de houtkap. Ondanks de naam behoort deze soort tot de katberen. De rode panda is hiermee verwant aan de wasberen. De vacht is kastanjebruin waarbij de staart donkere ringen heeft. De snuit heeft witte tekeningen en bruine ‘huilstrepen’ onder de ogen. De kleine panda leeft van bamboe. Dit type leeft voornamelijk in gematigde bergwouden.

PANDA

De reuzenpanda behoort tot het geslacht ‘beren’ en leeft in het kleine en centrale deel van China. Hun habitat bestaat uit onherbergzame en hevig begroeide bamboe- en rododendronbossen. Het leefgebied is relatief koud en bestaat uit berghellingen. De vacht bestaat uit de kleuren zwart en wit waarbij de witte kop zwarte kringen rond de ogen heeft. De poten van de panda zijn aangepast om bamboestengels te kunnen plukken. De panda leeft op de grond; wanneer er gevaar dreigt, klimt hij in een boom en wacht tot het gevaar geweken is.

WATER  BUFFALO

De waterbuffel is een groot rund en komt, in het wild, voor in India, Nepal, Bhutan en Cambodja. In gedomesticeerde vorm worden ze veelal gebruikt op de sawa’s. Het type heeft een grijszwarte vacht met lange haren. De stieren hebben grote hoorns die in een maanvorm naar achteren lopen. De waterbuffel leeft van gras en bladrijke watervegetatie. Wanneer het heet is, koelen ze af in de modder om zichzelf tegen insecten te beschermen. Ze maken knorrige en snuivende geluiden.

SNOW  LEOPARD

De sneeuwpanter is verwant aan de luipaard of panter. Vroeger waren ‘luipaard’ en ‘panter’ geografisch gebonden, maar wetenschappelijk wordt de luipaard verdeeld in ondersoorten. De vacht is lichtgrijs en kan neigen naar het gele met zwarte vlekken. De kop is relatief klein. De sneeuwpanter komt alleen in Azië voor.

DHOLE

De Dhole is een Aziatische wilde hond en komt voor in Midden- en Zuidoost-Azië. Dit type lijkt veel op een groot uitgevallen vos. De vacht is effenbruin of donkerrood waarbij de hond een donkere staart en lichte buik heeft. Het leeft van vruchten en kleine en middelgrote dieren, zoals herten en knaagdieren. De Dhole komt alleen voor in bergachtige bosgebieden.

BENGAL  TIGER

Het is de tweede, na de Siberische tijger, de grootste katachtige soort. Deze tijger komt alleen voor in Azië op de plekken Myanmar, Bhutan, Nepal, Zuid-China, Bangladesh en India. Hij leeft in vochtige gebieden, zoals regenwouden en bamboebossen, en hecht waarde aan waterrijke gebieden, zoals moerassen en mangroves. Zowel in het laagland als in de bergen van de Himalaya komt hij voor. Door de jacht wordt hij met uitsterven bedreigd.

BLACK  PANTHER

De panter is een van de meest voorkomende katachtigen in Afrika en Azië. Hij is groot, gespierd met korte, krachtige poten en een lange staart. De kop is breed en een beetje rond. De oren zijn relatief klein ten opzichte van de middelgrote snuit. Een bekend voorbeeld van de zwarte panter is de ‘Bagheera’ uit Jungle Book.

LEOPARD

De luipaard is de meest voorkomende katachtige en komt voor in Azië en Afrika. Het wordt ook wel de ‘panter’ genoemd wanneer het een Aziatische versie betreft. Het heeft een groot en gespierd lijf met relatief korte poten. De vacht heeft een zandgele kleur en bezit zwarte vlekken en rozetten. Het reukvermogen is zelfs beter dan van de tijger. Het dier jaagt voornamelijk op middelgrote zoogdieren, zoals antilopen, herten, geiten, zwijnen, hazen, apen, etc. Sommige luipaarden focussen zich op één diersoort.

INDIAN  RHINOCEROS

De Indische neushoorn kenmerkt zich door zijn grootte en heeft een hoorn die wel zestig centimeter lang kan worden. Het dier komt voor in Noord-India en delen van Nepal. De neushoorn wordt erg bedreigd door de traditionele en Aziatische geneeskunde. Dit type is een herbivoor en leeft van grassen, bladeren en planten. De huid is grijsbruin van kleur. Wanneer het geen paartijd is, mogen ‘indringers’ hun territorium betreden.

ORANGUTAN

De orang-oetans behoort tot de ‘mensapen’ en komt voor op het Indonesische Borneo en Sumatra. Deze aap heeft lange armen en een roodbruinige vacht. De orang-oetan klimt, van alle mensapen, het meest in bomen. Ze leven vooral van vruchten, mieren, insecten en boomschors. Iedere dag maken deze mensapen een nieuw bedje en laten zien dat ze een uitstekend bouwkundig inzicht hebben. De leefomgeving is hedendaags sterk afgenomen door de houtkap, mijnbouw en bosbranden.

GIBBON

De gibbon is een vrij klein aapje en leeft in het Zuidoosten van Azië. De meeste soorten worden ernstig bedreigd door het verdwijnen van tropische bossen voor landbouwactiviteiten. Daarnaast is er een grote illegale handel rond gibbons om als huisdier te houden. Hierbij worden de tanden afgeknipt en beide ouders gedood wanneer ze een jong hebben. Elf van de zeventien soorten leeft dan ook in ‘kritieke’ toestand. Op het Thaise Phuket worden geredde dieren, wanneer het kan, weer losgelaten in het wild.

GAUR

De Gaur is de grootste wilde rundersoort en wordt ook wel de 'Indische Bizon' genoemd. Deze grote, donkere runderen hebben gelige hoorns en korte poten. Beide geslachten zijn gehoornd. De Gaur leeft in de bossen in een kleine kudde. Twijgen, bladeren en vruchten staan dagelijks op het menu.

BLACKBUCK

De Indische Antilope komt voor in de open vlakte van India en Pakistan. Het wordt ook wel de ‘Indische gazelle’ genoemd vanwege zijn ongekende snelheid en hoge sprongen. Het mannetje heeft geringde en spiraalsgewijs lopende hoorns. Het snuitje is zwart en heeft witte kenmerken. De buik is altijd wit. Door de, zeer onnodige, trofeejacht is deze soort bedreigd. Het dier leeft van gras en graan.

ASIAN  BLACK  BEAR

De Aziatische zwarte beer leeft in loof- en naaldbossen en komt voornamelijk voor in het oosten van Azië, met uithoeken als het noorden van India en het Midden Oosten. Dit type is een omnivoor en leeft van fruit, noten, honing, planten en grassen, maar eet ook vlees zoals vogels en knaagdieren. De beren zijn zwart van kleur en bezitten een kenmerkende en V-vormige witte markering op de borst.

MUNTJAC

De muntjak is het oudste en kleinste hertensoort en komt voor in India, Sri Lanka, Myanmar, Zuid-China, Taiwan en Indonesië. Kenmerkend voor de muntjak zijn de twee kleine slagtandjes bij het mannetje. In alerte staat ‘blaft’ dit beestje om de vijand te laten weten dat hij hem  ‘gezien heeft’.  De muntjak komt in verschillende kleuren voor, zoals zwart en kastanjebruin.

JAPANESE  CRANE

De kraanvogel is een van de grootste en meest zeldzame soort uit de orde der kraanvogels. Het lichaam is wit waarbij de staart, hals en deel van de vleugel zwart gekleurd zijn. Deze vogel broedt, bij voorkeur, in moerassen met diep water. Zo wordt het menselijk invloed sterk onderdrukt. In Japan wordt de kraanvogel, in de symboliek, als geluksbrenger beschouwd en zou staan voor een lang leven.

PEACOCK

De pauw is, zogezegd, de oudste siervogel ter wereld. In India leeft deze hoender nog in het wild. Bij het mannetje is zijn lichaam blauw van kleur en heeft hij een imposante staart. Deze groene veren met 'ogen' zet hij op wanneer hij een vrouwtje wilt imponeren. Ze leven van bessen, zaden, wormpjes en insecten en kunnen vliegen als dat nodig is, maar brengen de meeste tijd op de grond door.

JAVAN  HAWK-EAGLE

De Javaanse kuifarend is een bruine roofvogel en is vernoemd zijn kenmerkende kuif. Deze vogel leeft in de tropische bossen van Java. Het dier leeft van kleine dieren als vogels en hagedissen, maar eet ook fruitsoorten. De Javaanse kuifarend is de nationale vogel van Indonesië en wordt gelinkt aan Geruda: een ‘vogel’ uit het boeddhisme. Deze vogel is monogaam.

GREAT  HORNBILL

Deze soort behoort tot de Neushoornvogels en is een van de grootste. Het leefgebied betreft voornamelijk Nepal, Bhutan, Cambodja, Myanmar, Vietnam en Sumatra, Indonesië. Ze leven in tropische bossen en zoeken open gebieden op en zijn sterk afhankelijk van hoge bomen. Naast wilde vruchten leven ze van insecten, hagedissen en zelfs slangen.

INDIAN  LION

De leeuw is een van de grootste katachtigen en behoort tot de ‘Big Five’ van Afrika. Ook in kleine delen van India kan de leeuw gezien worden. De mannetjes hebben veelal imposante manen rondom het hoofd. Niet voor niets heeft hij de bijnaam: ‘de koning der dieren’. Hoewel de leeuw er indrukwekkend uitziet, doen de vrouwtjes over het algemeen het jachtwerk.

WHITE  BENGAL  TIGER

De witte variant van de Bengaalse Tijger. Hij kenmerkt zich door zijn roomwitte vacht met een zwart strepenpatroon en wordt in de volksmond ook wel de ‘witte tijger’ genoemd. Deze kleur is uiterst zeldzaam in het wild. De witte vacht komt door genetische mutatie. De aanmaak en distributie in de haarschacht van ‘feomelanine’ wordt onderdrukt waardoor de rode en gele pigmenten zich niet tonen in de vacht.

BARBARI

De Barbari is een ras uit Uttar Pradesh, Punjab en Pakistan. Het is één van de twintig geclassificeerde rassen uit India. Onder de geiten heeft dit ras een unieke vormgeving. De hoorns zijn recht en het lichaam compact. De kleur varieert van wit tot goud en of bedekt met bruine vlekjes.

BANTENG

De Banteng is een wild rund uit de bossen van Zuidoost-Azië, waaronder Borneo, Java en Bali. Ze komen voor in licht beboste gebieden, bamboebossen en bladverliezende wouden. In Bali zijn ze tevens gedomesticeerd; hier komt het Balirund vandaan. De koeien hebben een roodbruine vacht, terwijl de stieren donkerder zijn. Wel hebben ze beiden witte poten, witte vlekken boven de ogen en op de romp en een lichte snuit. 

PARROT

Deze vogel kent erg veel (onder)soorten en kleurvariaties en komt voor op de zuidelijke helft van de aarde. De papegaai kenmerkt zich door zijn sterke, kromme, korte snavel waarmee hij noten en zaden kan kraken. De vogel is, door zijn twee voor- en twee achtertenen, een uitstekende klimmer. Ze leven in groepen en hebben een vaste partner. Daarnaast kunnen papegaaien kunnen uitstekend leren praten.

HOOPOE

De hop is te herkennen aan het rode verenkleed waarbij het hoofd een soort ‘kroon’ draagt wanneer de vogel in alerte staat is. De staart en vleugels zijn zwart en bevatten witte strepen. De hop heeft een lange en puntige snavel en eet voornamelijk insecten, spinnen, slakken, regenwormen en hagedissen. In Azië leeft de hop voornamelijk in noordwest India en noordwest China.

CHEETAH

Het jachtluipaard of ‘cheetah’ is het snelste landdier ter wereld. Hij is slank, flexibel en heeft zeer lange poten. De kop is vrij klein met oranje ogen en zwarte vlekken. Vanaf zijn binnenste ooghoeken tot de mond loopt een zwarte streep. De Cheetah komt voor in Afrika en Iran. 

INDIAN  GOOSE

De Indische Gans broedt in Centraal-Azië en vliegt over de Himalaya om te overwinteren in het drasland van India, van Assam tot Tamil Nadi, Noord-Birma en de wetlands van Pakistan. De gans is zeer lichtgrijs en heeft zwarte strepen bij het hoofd. De snavel en poten zijn geel. Het is een van de hoogstvliegende vogelsoorten der aarde. Gemiddeld vliegen ze op 5500 meter.

COCKATOO

De kaketoe is een papegaaiensoort, maar kent toch andere kenmerken. Zo zijn ze wat groter en hebben niet 'die' speciale veertexturen die veel papegaaien wel hebben. Daarnaast hebben ze een spectaculaire kuif die opgezet kan worden. Ze zijn speels, aanhankelijk, maar ook vernielzuchtig en luidruchtig. Hun leefgebieden betrekken Australië, Solomon-eilanden en de oostelijke eilanden van Indonesië tot Nieuw-Guinea.

WOODPECKER

Deze bonte verschijning dankt zijn naam aan zijn wit, zwarte en rode kleurencombinatie. De specht staat bekend om zijn gehak in het hout voor een aankomend nest met een kenmerkend geluid. Ook om kevers achter de bast van naaldbomen te halen, hakt hij bedrijvig in het hout.

YAK

De jak is een rundersoort en komt voor in Centraal-Azië, waaronder Tibet en de Himalaya. In veel gevallen is de jak gedomesticeerd en wordt deze door de mens als rijdier gebruikt. Zowel de wilde als tamme versie heeft een wildbehaarde kop, hoogopstaande schouders en is zwart-bruinig van kleur. Tamme jaks komen voor in bruin, zwart, rood, wit of gevlekt. De stieren bezitten grote hoorns.

MARKHOR

Deze 'schroefhoorngeit' is een wilde geit uit de westelijke Himalaya en is het nationale symbool van Pakistan. Ze bewonen de rotsachtige en beboste hellingen. Hij leeft van gras, bladeren, kruiden en twijgen. Ze leven op hoogtes variërend tussen de 700 en 4000 meter. Ze kunnen uitstekend klimmen. 

© 2014 by DALJANSSENS.

DEAU
Deau Animal   Artist

Deau Wildlife Artist

Deau Horse Artist

Deau Bird Artist

Deau Animaliere

Oisterwijk, Noord-Brabant | dojanssens@hotmail.com | 0031642290563

  • Grey Pinterest Icon
  • Grey Instagram Icon