This list contains a selection of Old Dutch breeds, concerning cattle, horses, dogs, chickens, goats and sheep. Can you not find your favorite breed? Ask for the possibilties. 

FRIES-HOLLANDS

Dit ras uit Nederland kwam vroeger veelal voor toen een groot deel van de veestapel nog uit zwartbonte dieren bestond. Nu is er nog een klein deel waarbij een aantal van oudsher nog roodbont en soms zelfs muisgrijs is. De Holstein-Friesian koe is uit dit ras voortgekomen.

GRONINGER  BLAARKOP

Dit ras stamt al uit de Middeleeuwen en komt naast Groningen ook voor in Utrecht en Leiden. De koe is egaal rood of zwart en kenmerkt zich door een witte kop en wit staartpunt. Rondom de ogen heeft dit ras een zwarte of rode vlek, ook wel ‘de blaar’. Tegenwoordig wordt deze koe ingekruist met de Holstein-Friesian.

LAKENVELDER

De Lakenvelder is een ras dat zich kenmerkt door de witte band tussen de voor- en achterpoten, van rug tot buik en komt in de zwarte en rode variant voor. Het rund moet echter aan veel punten voldoen, wil het met recht een ‘Lakenvelder’ genoemd mogen worden.           

DRENTSCHE  PATRIJSHOND

Dit ras uit Drenthe is waarschijnlijk een afstammeling van het Spaniëlras dat in de 16e eeuw door de Spanjaarden mee naar Nederland is genomen. Daarnaast is het verwant aan de Friese Stabij, de Münsterlander en Epagneul Français. De vacht is wit-bruin van kleur. De Patrijshond is een gevoelig en aanhankelijk ras dat een stabiele opvoeding nodig heeft.

FRIESE  STABIJ

De Stabyhoun of 'Friese Stabij' is een ras uit Nederland dat tot de top vijf van meest zeldzame hondenrassen behoort. Stabij komt uit het Fries en betekend vrij vertaald: 'sta bij me'. Het ras behoort tot het culturele erfgoed van Nederland. De vacht is vrij lang en wit-zwart van keur.

ASSENDELFTER

Dit kippenras is ontstaan in de Zaanstreek. Het ras zou de oorsprong zijn van het gepelde Hollandse Hoen. Door zijn verwantschap aan het Friese hoen ontstond er verwarring. Het ras is lichtgebouwd en heeft een hooggedragen staart. De bekende kleurslagen zijn de goud- en zilverpel.

BARNEVELDER

De Barnevelder betreft een ras uit ‘Barneveld’ en kent een hoge legproductie. Het ras komt voor in de kleuren zwart, wit, dubbelgezoomd en blauwdubbelgezoomd. Het is van origine een kruising van meerdere Aziatische rassen.

CHAAMS  HOEN

De Chaamse hoen uit Chaam is een statige verschijning. Het heeft een rode kam, oranje ogen en leiblauwe poten. Zowel de kleur zilver als goud bandpel zijn geaccepteerde kleuren. Deze hoen zou, eveneens door veel Koninklijke lieden, waaronder Prins Maurits en Koning Willem III, gewaardeerd worden om de specifieke en overheerlijke vleessmaak. Eeuwenlang werd dit ras op boerenerven gehouden als ‘nuthoen’.

NEDERLANDSE   SABELPOOT

De Sabelpoot is een ras dat al in de 16e eeuw voorkwam. Ze komen in meerdere kleuren voor en vertonen 'vlekjes' op het verenkleed. Kenmerkend is de overvloedige bevedering op de voeten. De Sabelpoot is klein van formaat.

WELSUMER

De Welsumer is roodbruin van kleur waarbij de kleur 'roodslag' enkel bij dit ras voorkomt. Het is een ras waarbij lokale kippen met 'exoten' werden gekruist en is ontstaan in de 19e en 20e eeuw. Typisch zijn de buitengewoon grote en gespikkelde eieren.

GRONINGER  MEEUW

De Groninger Meeuw is ontstaan uit zwaardere, Friese hoenders in de 18e eeuw. De kleurslagen bestaan uit goud- en zilverpel. Het ras behoort tot de gepelde landhoenders. Zo vertonen ze, aan beide zijden van de veerschacht, zwarte vlekken. In de jaren zeventig werd het ras als ‘uiterst zeldzaam’ gezien. Hedendaags zijn er weer voldoende fokkers.

DRENTS  HOEN

De Drentse hoender is een Oudhollands ras waarbij het type in meerdere kleurslagen voorkomt. Opvallend zijn de leiblauwe poten en witte oorlellen. Deze hoender heeft een hoog opgericht lichaam waarbij de borst wat opvallend naar voren staat. Tevens bestaan er staartloze hoenders; deze worden 'bolstaarten' genoemd.

Dit Friese ras kenmerkt zich door zijn chocoladebruine tot zwarte vacht in combinatie met een zwarte snuit en witte bles. Ze zijn vooral geschikt voor de productie van schapenmelk. Hedendaags is het ras ook zeer populair in Groot-Brittannië.

ZWARTBLES

KEMPISCH  HEIDESCHAAP

Dit middelgrote schaap uit de Kempen heeft een statige verschijning. De kop is meestal geheel wit, net als de poten, maar kan ook bruin of gespikkeld zijn. Zowel de ooien als rammen zijn doorgaans ongehoornd. De wol is bijna helemaal wit. Het is een echte grazer, maar kan uitstekend toe met toe met hard gras en een schraal dieet van heide.

GROOT  HEIDESCHAAP

Het Groot Heideschaap is sterk verwant aan de Schoonebeeker. Door kruisingen met het Veluws Heideschaap zijn de hoorns verdwenen. Er wordt aangenomen dat alle Nederlandse heideschapen dezelfde voorouders hebben. Dit ras is ongeveer in de 19e eeuw ontstaan.

BLAUWE  TEXELAAR

De Blauwe Texelaar is een vrij 'potig' schaap om te zien. De schapen kunnen in meerdere kleuren voorkomen, waaronder de 'gemuteerde' variant: 'de dassenkop'. Daar waar veel heideschapen hoog op de poten staan, heeft de Blauwe Texelaar een wat 'robuuster' figuur.

NEDERLANDSE  BONTE  GEIT

Dit ras stamt af van de Zeeuwse Landgeit. Alleen de tweekleurige dieren in zwartbont en bruin met scherpe aftekeningen worden geaccepteerd. De vacht is kortharig. Dit ras heeft een hoge melkproductie en wordt zoveel professioneel als op hobbybasis gehouden.

TOGGENBURGER

Dit 'Nederlandse' ras komt, van origine, uit het Zwitserse Obertoggenburg en is geliefd vanwege de grote melkproductie. De kleur varieert van donker- tot zeer lichtbruin. Op zijn gezicht en benen heeft hij witte aftekeningen. Dit ras heeft weinig voedsel nodig om toch veel melk te produceren.

FRIESE  PAARD

Het oudste raspaard van Nederland betreft het Friese paard. Dit ras is vriendelijk, trouw, een gewillige werker en heeft een comfortabele zit.
De Fries is zeer sierlijk en heeft een fiere houding. De vacht en lange manen hebben een zwarte kleur. Zelfs bij de Romeinen was de Fries al geliefd als krijgspaard. 

GRONINGER  PAARD

Dit betrouwbare ras uit Groningen wordt gekenmerkt als een zwaar en krachtig warmbloedpaard. Dit rustig en nuchter paard heeft een breed inzetbaar karakter en wordt dan ook veelal ingezet voor dressuur en de tuig- en mensport. De vachtkleur komt voor in zwart, bruin, vos, bont en schimmel.

BONTE  BENTHEIMER

De Bentheimer is een middelgroot landvarken met een onregelmatig zwart vlekkenpatroon. Rond 1840 waren de boeren in Twente en Bentheim niet tevreden over de huidige varkens en werden Engelse beren gekruist met Europese landvarkens. Dit ras wordt meestal gehouden ter ‘gezelschap’.

FRIESE  ROODBONT

De vriendelijke koe met ‘adellijke kop’ kenmerkt zich door haar rode kleur op de witte vacht. In de Middeleeuwen bestond het vee voornamelijk uit rode runderen. Door een veepest en overstroming verdween driekwart van de veestapel en kwamen o.a. Duitse zwarte runderen naar Nederland: de voorouders van het bekende Fries-Hollandse vee.

WITRIK

De Witrik zag men van oudsher in Friesland en Zeeland, maar komt hedendaags in het hele land voor. Het ras is rood, zwart of vaalbont en heeft een witte aalstreep, witte buik en staart en spikkels op de kop en poten. Het ras is hiermee verwant aan de Irish Moiled en de Pinzgauer. Volgens sommigen is het een directe afstammeling van het oerrund.

BRANDRODE  RUND

Dit vriendelijke en rustige ras is middelgroot en is diep donker- of bruinrood van kleur met witte aftekeningen; witte kol, witte buik, witte sokken en een wit puntje op de staart.  Het rund behoort tot het Maas-Rijn-IJssel vee-type. Het is een geschikte natuurgrazer door de robuustheid en goede weerstander tegen ziekten.

KOOIKERHONDJE

De Kooiker is middelmatig klein, oud Nederlands ras. Op schilderijen van Jan Steen uit de 17e eeuw zijn honden geschilderd die sterk lijken op het Kooikerhondje. Het zijn gezelschapsdieren die ook erg van water houden. De vacht is wit en middellang met bruine platen. Willem van Oranje zou door een Kooikerhondje gered zijn, doordat hij aan zijn legertent bij Hermigny gekrabd zou hebben. Doordat hij wakker werd, kon hij zodoende ontsnappen aan Spaanse overvallers.

SAARLOOSWOLFHOND

De Saarlooswolfhond is gefokt door Leendert Saarloos en ontstaan uit wolf-hondhybriden. Saarloos hield van Duitse Herders, maar waren in zijn ogen teveel ‘verhuiselijkt’. Hij wilde de werklust van de herder combineren met de kracht van de wolf. Deze ‘nieuwe hond’ was echter nog erg schuw in het begin. Er volgde een lang proces dat uiteindelijk tot het succes van de Saarlooswofhond leidde.

FRIESE  HOEN

Deze Friese kip is lichtgebouwd en komt in een grote, maar ook in krielversie voor. Het heeft een schrikachtig karakter en wordt wel eens verward met de Assendelfter. Het ras kent twaalf kleurslagen: zilverpel, zwart, roodpel, goudpel, citroenpel, roodbont, wit, koekoek, blauw, geelwitpel, zwartbont en zandgeel.

HOLLANDS  HOEN

Een Duits/Hollands ras dat vroeger (voor 1700) voornamelijk gebruikt werd als legras. Het is een relatief klein kippenras. Er komen meerdere kleurvarianten voor, van zwart tot goud, daar waar de wit/zwart gevlekte versie één van de meest opvallende is.

TWENTSE  HOEN

Het Twents hoen heeft een slanke en sierlijke bouw. Het ras is ontstaan in de 19e eeuw in de grensstreek van Twente en het Duitse graafschap Bentheim. Door de typische kamvorm heeft dit ras geen kans op kambevriezing in de winter. Typische kleuren zijn het blauw-, zilver-, blauwzilver- en geelpatrijs. 

EIKENBURGER  KRIEL

De Eikenburger is een ras dat voor de sier gefokt wordt. Het zijn kleine hoenders en daarmee niet veel groter dan een kleine duif. Het ras komt voort uit de Sebright. De meest gangbare keur is wit, maar ook andere kleurslagen komen voor.

LAKENVELDER

De Lakenvelder is een Duits (Nordrhein-Westfalen)/Nederlands ras dat voor het eerst werd opgenomen in 1727. Dit ras wordt gekenmerkt door zijn rode kam en witte ‘laken’, daar waar zijn kop en staart volledig zwart zijn. De poten hebben een blauwige kleur.

NOORD-HOLLANDSE  BLAUWE

De Noord-Hollandse Blauwe is een zware hoender. Het ras kent slechts één kleurslag: koekoek. De kop en kam zijn rood van kleur waarbij de poten wit zijn. Het ras is verwant aan de Amerikaanse ‘Plymouth Rock’. De Noord-Hollandse Blauwe is ontstaan in de eerste helft van de 20e eeuw.

UILEBAARD

De Uilebaard is een vrij vorse hoender waarbij de kop het meest kenmerkend is. De kam heeft twee hoorntjes, de neusgaten zijn breed en de kinlellen ontbreken. Dit ras kenmerkt zich door een grote en volle baard onder de snavel.  De Uilebaard komt in tien verschillende kleurslagen voor, waaronder de zeer zeldzame moorkop. Het ras kwam al voor in de 16e en 17e eeuw en is daarmee een van de oudste hoenderrassen van Nederland.

DRENTSCH  HEIDESCHAAP

Het Drentsch Heideschaap is het oudste schapenras van West-Europa. Zijn ranke bouw, lange en stugge wol, rechte neus en doffe beharing, zijn kenmerkend voor dit ras. De mannetje hebben grote gekrulde hoorns. Deze schapen waren vroeger onmisbaar vanwege hun voedingrijke mest voor de akkerbouw.

SCHOONEBEEKER

De Schoonebeeker is het grootste heideschaap in Nederland en kenmerkt zich door de Romeinse neus en lange ruglijn. Beide geslachten hebben geen hoorns. Dit schaap staat dicht bij de natuur en komt in verscheidene kleurtypen voor, waaronder wit, zwartbond, zwartbles, zwart, bont en donkervos.

FRIES - ZEEUWS  MELKSCHAAP

Het melkschaap is groot van formaat en heeft een witte vacht. Vanuit de geschiedenis onderhield een gezin één tot twee schapen voor eigen gebruik, waaronder voor het maken van kaas. Door het bijzonder lieve karakter worden de melkschapen ook veelal op zorgboerderijen gehouden.

NEDERLANDSE  BONTE  SCHAAP

De oorsprong van het Nederlandse Bonte Schaap is feitelijk niet bekend. Waarschijnlijk zal het afstammen van een bont heideschaap. Het ras komt van oudsher voor uit een veenweidegebied waarbij de schapen dienden als natuurbegrazers. Hedendaags wordt het ras wel eens gekruist met Texelaars of Zwartblessen.

VELUWS  HEIDESCHAAP

Het Veluws Heideschaap behoort, met de andere heideschapen, tot één van Nederlands oudste rassen. Ze werden vooral gebruikt voor mestproductie op het land; zo werden overdag de stukken land begraasd en voorzien van mest. Zoals de naam het al verraadt, ligt de oorsprong van dit type schaap op Veluwe.​

NEDERLANDSE  LANDGEIT

Dit ras, voorheen de ‘Veluwse landgeit’, is het enige van oorsprong Nederlandse geitenras dat nog voorkomt. Het is een middelgroot, stevig dier waar verschillende kleurslagen van de vacht mogelijk zijn. De beharing bij de bokken is langer dan bij de geiten. De bokken hebben enorme hoorns waarbij het uiteinde zich iets naar boven richt. Bij de geiten staan de kleinere hoorns recht naar achter. Ze worden veelal ingezet bij de begrazing van natuurgebieden. 

GELDERLANDER

De Gelderlander werd, net als het Groninger paard, gefokt als werkpaard dat zwaar werk zou kunnen verrichten, maar ook gebruikt kon worden als stijlvol rij- en tuigpaard. Ook vanuit de Koninklijke Stallen ondervond het ras waardering als statig koetspaard, maar ook als politiepaard wist het goed te functioneren. De vacht is veelal voskleurig met witte sokken en een bles.

NEDERLANDS  TREKPAARD

Het Nederlands/Zeeuws Trekpaard is een ras dat is ontstaan uit het Belgisch Trekpaard. Door het kalme en betrouwbare karakter wordt het ras als ‘koudbloedig’ gezien. Het aantal is echter afgenomen doordat zijn oorspronkelijke functie, hard werken op het land, veelal machinaal is overgenomen. Hedendaags wordt het ingezet voor traditioneel gebruik. De vacht is bruin of grijzig van kleur.

NEDERLANDS  LANDVARKEN

Het Nederlands landvarken kenmerkt zich door zijn hangende oren en heeft een wittige kleur. Het ras is ontstaan het Deense en Duitse landvarken. Hedendaags wordt het ras als 'zeldzaam' gezien.

© 2014 by DALJANSSENS.

DEAU
Deau Animal   Artist

Deau Wildlife Artist

Deau Horse Artist

Deau Bird Artist

Deau Animaliere

Oisterwijk, Noord-Brabant | dojanssens@hotmail.com | 0031642290563

  • Grey Pinterest Icon
  • Grey Instagram Icon